Spanje

Proloog

Ik wist al een aantal jaren dat er in 2026 in Spanje een zonsverduistering te zien zou zijn. En hoewel ik dit fascinerende natuurverschijnsel al twee keer heb mogen meemaken, is het niet iets dat snel gaat vervelen. Behalve in Spanje zou de zonsverduistering ook in Groenland en IJsland te zien zijn, maar die bestemmingen zijn moeilijker te bereiken en veel duurder dan Spanje. Het werd dus Spanje. Zodra ik kon boeken deed ik dat. Eerst de vluchten, want die zouden snel duur worden als veel andere mensen ook naar Spanje willen om de zonsverduistering te zien. Via eDreams kon ik aan heel voordelige tickets komen. Ik heb ook nog overwogen om met de Flixbus te gaan, maar dat was een stuk duurder en ik weet niet of een busreis leuk blijft als je ruim 24 uur onderweg bent. Je ziet natuurlijk wel meer onderweg en je hebt geen gedoe met bagage, maar daar staat tegenover dat het wel een uitputtingsslag is.

Voor de overnachtingen koos ik zoals gewoonlijk weer voor Airbnb. Ik was van plan om ongeveer een week te gaan, zodat ik ook wat van het prachtige noorden van Spanje kon zien. Eerst naar Bilbao, dan naar Oviedo voor de zonsverduistering en tot slot nog een paar dagen naar Santiago de Compostella, het beroemde bedevaartsoord. Spanje is geen goedkope bestemming als het om Airbnb gaat. Maar na wat zoekwerk wist ik kamers te vinden met een redelijke verhouding tussen prijs, locatie en comfort. Vooral in Oviedo was dat ingewikkeld. Diverse kamers konden nog niet geboekt worden en sommige verhuurders reageerden gewoon niet. Waarschijnlijk waren die al op de hoogte van de zonsverduistering en hadden ze het plan om hun kamers voor de hoofdprijs te verhuren. Gelukkig vond ik nog wel een kamer voor een redelijk normale prijs. Dat dacht ik althans. Want zo’n drie maanden voor vertrek werd de kamer geannuleerd, zogenaamd wegens een geplande verbouwing. Er waren nog wel andere kamers, maar alleen voor eclipsprijzen. En dan moet je denken aan zo’n 1000 euro per nacht. Nu had ik al eerder besloten om een auto te huren. Dat was makkelijk voor de reis van Bilbao via Oviedo naar Santiago de Compostella en dan had ik wat flexibiliteit rond de zonsverduistering. Als het in Oviedo bewolkt wordt, kan ik altijd nog naar een andere plaats rijden. En mocht ik geen betaalbare kamer vinden, dan kan ik nog in de auto overnachten.

Het lukte om een kamer voor één nacht te vinden in Oviedo. Van dinsdag op woensdag. Voor de nacht van woensdag op donderdag besloot ik een nacht extra te reserveren in Santiago de Compostella. Ik zou daar wel laat aankomen, maar ik kon er dan wel voor het normale tarief overnachten. Het afwachten kon beginnen. En dat was weer spannend. Zouden er geen annuleringen meer komen? Zou het mooi weer worden tijdens de zonsverduistering? Zou ik geen last krijgen van de vele bosbranden die in de zomer van 2026 onder andere Spanje teisterden?

Zondag, 9 augustus 2026

De dag van vertrek is aangebroken. Mijn vlucht vertrekt om 10:05u, dus wilde ik al om 7:00u de bus naar Schiphol pakken. Dat lukte niet. Ik was vergeten mijn laptopje voor op reis in orde te maken en toen ik dat alsnog deed, duurde het flink wat langer dan gepland. Toch kom ik ruim op tijd op de luchthaven aan. Daar zie ik dat er weer een gigantische rij staat voor de veiligheidscontrole. En als ik eindelijk aan de beurt ben, moet mijn tas extra worden nagekeken. Ik heb een tablet meegenomen en die vond de controleur achter de X-ray-monitor verdacht. Als er verder niets mee aan de hand blijkt te zijn, kan ik doorlopen. Het is nog een flink eind wandelen naar de gate en als ik daar aankom, is het instappen al begonnen. Ik ben dus niets te vroeg van huis vertrokken. Ik zit helemaal achterin bij het raam met naast mij gelukkig een jonge dame die voldoende heeft aan haar eigen stoel. Vaak zitten er dikke kerels naast mij, waardoor ik mij zo ongeveer moet opvouwen om er niet tegenaan te zitten.

We vertrekken redelijk op tijd. Ik vlieg met budgetmaatschappij Vueling, dus de catering bestaat vandaag uit zelf meegenomen snoepjes. Je kan wel eten en drinken bestellen aan boord, maar alleen tegen belachelijk hoge prijzen. Twee uurtjes houd ik het wel uit in de krappe stoel zonder eten en drinken.

In Bilbao is het ongeveer 30 graden en half bewolkt. De grenspassage gaat zonder enig probleem. In de aankomsthal koop ik een kaartje voor de bus naar het centrum. Die staat buiten al te wachten. Ik ben te vroeg voor de Airbnb, want daar kan ik pas vanaf 15:00u inchecken. Dús ga ik eerst maar een beetje het centrum verkennen. Ik heb gelukkig geen zware tas bij mij.

Bij een toeristenkantoortje koop ik een OV-kaart voor 48 uur. Ik zal veel reizen en dan is zo’n kaart voordeliger dan losse kaartjes. Ook is het natuurlijk makkelijker. In Bilbao heb je groene en rode buslijnen. De rode buslijnen zijn duurder, maar hebben snellere en handigere routes. Met mijn kaart kan ik van beide gebruik maken.

Rond 14:00u krijg ik appjes van de verhuurder. Hoe laat ik denk te arriveren. Ik app 16:00u. Hij vraagt of ik eerder kan komen. Dat kan wel, maar dan moet ik wel zonder omwegen er naar toe. Google Maps vertelt mij welke bus ik moet nemen. Zo arriveer ik om 15:15u De verhuurder, Omar, staat buiten al op mij te wachten. Het is een dikke, oosterse man die mij heel vriendelijk mijn kamer toont en mij wegwijs maakt in zijn woning. Er is een woonkamer, waar iedereen gebruik van kan maken. Dat geldt ook voor de keuken en de badkamer. Er is geen airconditioning, zodat ik blij mag zijn dat het niet heel erg heet is.

Ik kleed mij om en ga dan snel op stap. De Airbnb ligt vrij ver van het centrum, zodat ik wel elke keer de bus moet pakken. Gelukkig gaan er verschillende lijnen naar het westelijke stadsdeel.

Echt een plan heb ik niet. Ik kijk op mijn telefoon of ik al kaartjes kan bestellen voor het Guggenheim Museum. Maar dat valt tegen. Voor vandaag en maandag is alles uitverkocht. Voor dinsdag zijn er nog wel kaartjes, maar dan kan ik pas aan het begin van de avond naar binnen. Ik baal er van dat ik al niet thuis kaartjes had besteld. Ik zal er aan denken als ik nog eens deze kant op ga. Bijvoorbeeld om een langere rondreis door Spanje te maken.

Er rijdt een tram door Bilbao en daar maak ik dankbaar gebruik van. Helaas zijn er alleen moderne trams, die voor wat betreft het comfort nog wel te wensen overlaten. De stoelen zijn keihard en de meeste trams zijn geheel met reclamefilm beplakt. Je kan er doorheen kijken vanuit de tram, maar als je dat een tijdje doet, krijg je hoofdpijn, omdat je ogen niet goed kunnen focussen.

Tegen het einde van de middag ga ik op zoek naar de oude stad. Daar staat onder andere een kathedraal. De buitenkant laat zich moeilijk fotograferen, omdat het gebouw aan een vrij klein pleintje staat. Om de binnenkant te kunnen bekijken is een kaartje nodig. 10 euro. Ik kan naar binnen gluren en mijn eerste indruk is dat het er allemaal weinig spectaculair uitziet. Geen 10 euro waard in ieder geval.

Op het pleintje rust ik even uit. Ik zie op mijn telefoon dat als online kaartjes voor het Guggenheim zijn uitverkocht, je vaak nog wel bij de kassa kaartjes kunt kopen. Ik besluit het er op te wagen. Het is even zoeken naar het museum, want bordjes en plattegronden zijn erg zeldzaam in Bilbao. En mijn telefoon is bijna leeg, dus moet ik de batterij sparen.

Na wat dwalen vind ik het museum en zie ik dat er een behoorlijke rij staat voor de entree. Ik loop er langs en zie bij de kassa’s dat er inderdaad gewoon kaartjes worden verkocht. Vanwege de rij ga ik toch eerst maar even rondkijken in de buurt. Als ik nu het museum ga bezoeken, mis ik het ‘blauwe uurtje’, dat mij in staat stelt mooie avondfoto’s van de stad te maken. Aan de andere kant wil ik ook het museum niet missen. Als ik terug loop zie ik dat de rij enorm is geslonken. Een man van het museum zegt dat er geen kaartjes voor vandaag meer te koop zijn, maar nog wel voor morgen. Dat lijkt mij perfect. Na een half uur ben ik dan eindelijk bij de kassa en zie ik tot mijn vreugde, dat ik als 65-plusser 50% korting krijg. Dat scheelt aardig op een ticket van 18 euro. Ik mag kiezen hoe laat ik wil komen, dus kies ik voor 10:00u, als het museum de deuren opent. Dan is het vast nog even lekker rustig, voordat je alleen nog maar mensen ziet.

In de avond maak ik nog wat foto’s in de stad. Ik ga onder andere met een lift een vrij hoge heuvel op, waar je een mooi uitzicht hebt over het oude centrum. Het avondeten bestaat vandaag uit een broodje kebab, van prima kwaliteit. Er zit volgens mij wel een halve kilo kip in verwerkt. Met de sla en de saus smaakt het prima. De locatie is ook leuk. Ik eet mijn broodje op op het Plaza Nuevo. Dat is een binnenplein van een groot gebouw met rondom gallerijen. Hier zit je echt heerlijk. Flesje cola erbij en genieten maar. Tot slot ga ik nog naar het Guggenheim Museum om dat in het mooie avondlicht te kunnen fotograferen.

Rond half 11 houd ik het voor gezien. Mijn telefoon is nu helemaal leeg, dus moet ik zelf uitvinden hoe ik de Airbnb ga terugvinden. Het museum was ook al lastig te vinden, vanwege het ontbreken van wegbewijzering. Maar het lukt. Op een bushalte zie ik op een kaartje dat een van de lijnen vlakbij mijn Airbnb stopt. Op het station had ik bij een kleine supermarkt al bier en zoutjes gekocht, want ik wil vanavond naar Ajax kijken. De wedstrijd was ’s middags al, maar ik kan die gelukkig terugzien, als de apparatuur en internet naar behoren werken. Dat laatste blijkt het geval en Ajax weet nog te winnen ook. Pas rond 1 uur krijg ik tijd om te slapen. Het is erg warm in de kamer, dus ga ik maar bloot op bed liggen.

Maandag, 10 augustus 2026

Geen ontbijt vanochtend, want de winkels gaan hier pas om 9:00u open en ik wil 10:00u bij het Guggenheim Museum zijn. Na een uurtje werken ga ik op pad en kan ik snel een bus naar het centrum pakken. Bij een supermarkt koop ik yoghurt, koekjes en frisdrank, waarna ik de tram naar het museum pak. Ik ben er precies op tijd. Er staat nog maar een kleine rij voor de deur en omdat ik al een kaartje heb kan ik snel naar binnen. Snel maak ik alvast wat foto’s, voordat het echt druk gaat worden.

Het museum biedt vooral moderne kunst. Veel schilderijen natuurlijk, maar ook gigantische sculpturen, geborduurde kleden van enorme afmetingen, hangende kunstwerken van een Japanse artiest en lichtkunstwerken. Er is ook een soort spiegelzaal, vol kleurige lampjes. Je raakt er compleet gedesoriënteerd. Mogelijk mag je daarom maar maximaal een minuut naar binnen.

Na twee uurtjes heb ik het wel gezien. Nog even een rustig plekje zoeken om wat werk te doen en wat te eten en dan weer de stad in. Er is nog genoeg te beleven. Het is intussen gigantisch druk geworden in het museum en het is nu zo goed als onmogelijk om foto’s te maken, zonder dat er talloze bezoekers op staan.

Buiten is het flink warm geworden. Net als gisteren is het rond de 30 graden en vrij bewolkt. De voorspellingen voor de komende dagen zijn nog net zo somber. Ik besluit naar een zogenoemde zwevende brug te gaan. Een tip die ik van een goede kennis heb gekregen. Het is wel ver weg, maar er is een goede busverbinding.

De bus is flink te laat, maar hij rijdt in ieder geval. Ik zit voorin en ben bijna de enige passagier. Via oerlelijke industriegebieden volgt de bus de rivier en na ongeveer een half uur komen we in een hele mooie buitenwijk van Bilbao aan. Het is ook meteen de eindhalte van de bus. Om de hoek zie ik de zwevende brug en dan begrijp ik pas wat er bedoeld wordt. Het is een hele hoge constructie en daaronder hangt aan kabels een soort veerpont. Die veerpont zweeft boven het water. Er kunnen ongeveer vier auto’s op, naast voetgangers.

Om naar de overkant te komen moet ik een kaartje kopen en dat gaat niet makkelijk. Het lijkt alsof dit alleen met munten kan en die heb ik toevallig niet bij mij. Er is wel een apparaat om met een creditcard te betalen, maar ik kan er niet achter komen hoe dit werkt. Een heel gedoe weer voor 60 cent. Ik heb nog wel eurobriefjes bij mij, dus koop ik in een winkeltje iets goedkoops om wisselgeld te krijgen. Met een euro lukt het dan eindelijk om een kaartje te kopen.

Aan de overkant kijk ik of ik via de hoge constructie terug kan lopen. Er is een lift, maar die is buiten bedrijf. Toch zie ik mensen op de constructie lopen. Dan maar weer naar de overkant. Daar doet de lift het wel. Ook hiervoor is een kaartje nodig en als dat 11 euro blijkt te kosten, geloof ik het verder wel. Met de metro ga ik terug naar het centrum van Bilbao om een door Calitrava ontworpen brug te bekijken. Het is een voetgangersbrug die in het niet valt bij de Calitrava-bruggen in Hoofddorp. Wel roest hij net zo hard.

Aan de overkant van de brug is een straat die naar een soort kabeltram leidt. De funicular. De lijn gaat stijl omhoog de berg op en er rijden twee treintjes op die elkaar als het ware omhoog trekken. Als de ene naar beneden gaat, trekt hij de andere omhoog. Er staat alleen wel een gigantische rij voor het stationnetje. Ik sluit maar aan in de hoop dat het vlot zal gaan. Maar dat blijkt niet het geval. Om een duistere reden rijdt het treintje ondanks de enorme drukte maar eens in de ongeveer 20 minuten. Het duurt hooguit 5 minuten om de passagiers uit- en in te laten stappen, maar dat is geen reden om vaker te rijden.

Het is wel leuk om het een keer mee te maken en ik ben opgelucht als ik zie dat er boven geen enorme rij staat van mensen die naar beneden willen. Ik denk dat de meeste mensen alleen naar boven de tram pakken en dan lopend weer naar beneden gaan.

Ik had nog naar de overdekte markt willen gaan. De laatste attractie die ik nog niet gezien heb. Alleen blijkt die al om half drie te sluiten. Misschien ga ik er morgenochtend naar toe. Hij is vanaf 8 uur open en ik hoef pas om 10 uur op het vliegveld te zijn om mijn huurauto op te halen.

Ik rust even uit op een bankje in de schaduw om mijn verslag uit te werken. Helaas begint mijn telefoon alweer aardig leeg te raken en als ik hem wil opladen, zie ik dat mijn powerbank te zwak is. Dat wordt wel een probleem, want ik heb ook geen snoer om de telefoon in de auto op te laden. Echt weer vervelend dit.

Ik heb eigenlijk alles wel gezien wat in Bilbao de moeite waard is. Langs de rivier loopt aan beide kanten een mooie, brede promenade en het lijkt mij wel leuk om deze laatste middag wat over die promenades te kuieren. Het is rustig. Vanwege de warmte zullen weinig mensen zin hebben om te wandelen. Het is wel een heel mooi hardloopparcours, maar dan voor ’s morgens vroeg als het nog fris is.

Ik kom uiteindelijk bij de overdekte markthal uit. Die is weliswaar gesloten, maar ik kan wel een deel van het gebouw bezoeken, omdat een aantal restaurants nog geopend is. Helaas kan ik niet naar de eerste verdieping, maar het lukt wel om een paar mooie foto’s te maken van de centrale entree, met prachtige glas-in-lood-ramen en een indrukwekkend dakvenster. Het is een soort vreetkathedraal.

Omdat ik nu vlakbij de oude stad ben, ga ik die richting maar uit. Mijn maag begint te knorren, dus neem ik weer een broodje kipkebab, bij dezelfde tent als gisteren. Heel lekker en niet duur. Op het Plaza Nuova zoek ik weer een plekje om in de schaduw te zitten en van mijn ‘maaltijd’ te genieten. Helaas krijg ik aan twee kanten rokers naast mij, zodat ik weer moet verkassen. Het is nog heerlijk warm en de sfeer op het plein is heel prettig. Even lekker rustig aan doen, want mijn voeten beginnen nu wel aan te geven dat het voor wat betreft wandelen wel genoeg is geweest. Toch zullen zij nog even hun best moeten doen. Want het blauwe uurtje nadert.

Ik koop eerst nog een biertje, dat ik op een bankje bij de rivier opdrink. Dan is het donker genoeg om avondfoto’s te maken. Ik volg de rivier, waar verschillende mooie gebouwen staan. Helaas wordt slechts een enkel gebouw van buitenaf verlicht. Toch worden het leuke en artistieke plaatjes.

Als het eenmaal helemaal donker is, pak ik de tram en vervolgens de bus naar de Airbnb. Ik dacht dat ik bus 48 kon nemen, maar die gaat halverwege de verkeerde kant uit. Snel stap ik uit en loop ik terug naar een halte waar de goede bus moet vertrekken. Het lastige is dat niet alle bussen op de haltes staan aangegeven. De bussen met lage lijnnummers wel, maar die met lijnnummers in de 3000-serie niet. En die bussen gaan vaak ook de goede richting op. Normaal kan ik dat nagaan via Google Maps, maar ook ditmaal is mijn telefoon vroegtijdig gestopt met functioneren wegens een lege accu. Op een van de 3000-bussen staat Zorroza, dus ik sprint er naar toe om nog mee te kunnen. Dat scheelt weer een minuut of tien wachten. In de Airbnb spring ik onder de douche, werk mijn website bij en ga dan rond middernacht proberen te slapen. Dat is een uitdaging met de herrie in deze Airbnb. Morgen slaap ik gelukkig ergens anders.

Dinsdag, 11 augustus 2026

’s Morgens controleer ik goed of ik alles heb ingepakt, want het is tijd om naar de volgende bestemming te vertrekken. Als ik mijn camcorder controleer, merk ik tot mijn schrik dat ik vergeten ben de geheugenkaart erin te plaatsen. Gelukkig ontdek ik het nu en niet morgen als ik klaar zit om de zonsverduistering te filmen. Maar het zal wel weer lastig worden om hier in Spanje aan een geschikte geheugenkaart te komen.

Ontbijt zit er weer niet in, want toen ik gisterenavond thuis kwam, waren de winkels al dicht en nu zijn ze nog niet open. Met een lege maag stap ik op de bus richting het centrum. Onderweg bedenk ik dat het wellicht handig was geweest om even de kortste route naar de luchthaven met Google Maps op te zoeken. Nu kies ik een route die ik ken, maar dat gaat wel langer duren.

Op de bus naar het vliegveld werkt mijn OV-pas helaas niet. Dat wordt weer 5 euro aftikken. Onderweg raakt de bus behoorlijk vol, maar dat is niet zo gek, want erg vaak rijdt hij niet. Ik kom tien voor tien op de luchthaven aan, waar ik op zoek ga naar het pendelbusje dat mij naar mijn huurauto moet brengen.

Lang hoef ik niet te wachten. Wel moest ik goed opletten om het zwarte busje van Gold Car niet te missen. Na een korte rit naar een industrieterrein en een half uur papierwerk, kan ik plaatsnemen in een witte Fiat 500. Die wordt gelijkwaardig geacht aan de beloofde Kia Picanto. De verhuurder vraagt of ik een grotere auto wil, maar die is dan wel weer duurder. Ik vind het wel best zo. Ik ben alleen en heb weinig bagage.

Het is wel een uitzoekerij hoe alles werkt. Starten en wegrijden lukt wel, maar de navigatie krijg ik nog niet aan de gang. Dan maar met de telefoon navigeren. Ik wil eerst naar de MediaMarkt voor een geheugenkaart. De MediaMarkt is echter onvindbaar. Google Maps wil mij een parkeerterrein op laten rijden dat helemaal niet bestaat. In de omgeving parkeren is onmogelijk. Er zijn al weinig parkeerplaatsen en wat er is staat permanent vol. En niet alleen in Bilbao, zal ik vandaag nog merken.

Ik geef het op en zet koers naar de plaats Castro Urdiales. Ik had ook nog naar het schiereiland San Juan de Gaztelugatxe willen gaan, maar dat lukt tijdtechnisch gewoon niet. Vooral omdat het niet op de route naar Oviedo ligt. Op de snelweg is het rustig en neem ik de tijd om de werking van de auto verder te bestuderen. Het lukt om het navigatiesysteem te starten en de bestemming in te voeren, maar als ik op een druk verkeersknooppunt rijd, verschijnt er een pop-up in beeld, die vraagt of ik de microfoon wil gebruiken. Die pop-up is niet weg te krijgen, zodat ik zelf mag uitzoeken hoe ik in Castro Urdiales ga komen. Daar baal ik behoorlijk van. Tijdens een korte stop, voer ik de bestemming in Google Maps in, waarna de route op een klein schermpje op het navigatiesysteem verschijnt. Hoe dat kan weet ik niet, maar het werkt, dus vind ik het verder prima.

In Castro Urdiales maak ik opnieuw kennis met de Spaanse parkeercrisis. Er zijn veel te veel auto’s in Spanje en veel te weinig parkeerplaatsen. Zelfs betaald parkeren is niet of nauwelijks mogelijk. Toch weet ik ruim een kilometer buiten het centrum nog een plek te vinden. Het parkeren kost 60 cent per uur, dus daar is wel overheen te komen.

Ik betaal voor een uur en wandel via een leuk buurtje met smalle steegjes en veel restaurantjes naar de twee belangrijkste bezienswaardigheden van de stad: de Iglesia de Santa Maria de la Asunción en de ruïne van een tempelierskasteel. De kerk is niet heel bijzonder, maar toch interessant vanwege de ouderdom. Het gebouw komt uit de zestiende eeuw en staat op de plaats waar ooit een moskee stond. Het kasteel verkeert nog in een vrij goede staat. Binnen is een tentoonstelling van schilderijen te bezoeken. Castro Urdiales ligt aan de Atlantische Oceaan en tijdens deze bloedhete zomerdag nemen vooral veel jongeren het ervan in het relatief koele zeewater. Er hangt een prettig Hemmingway-sfeertje in dit stadje.

Een uur is snel om. Net op tijd weet ik de auto terug te vinden en rijd ik naar de volgende bestemming: Santillana del Mar. Dit is een prachtig, middeleeuws dorpje. Het is wel overdreven toeristisch, maar dat is ergens wel logisch. Vanwege de zonsverduistering morgen zal het nu ook wel extra druk zijn.

Ook hier is het erg moeilijk om een parkeerplaats te vinden. Het is een kwestie van rondjes rijden op het parkeerterrein tot iemand wegrijdt. Het lukt uiteindelijk. Ik wandel het dorpje in en stoor mij maar niet aan de enorme mensenmassa’s die mijn foto’s verpesten. Het is inmiddels rond het middaguur en alles ligt te bakken in de gloeiend hete zomerzon. De eclips zou vandaag moeten zijn. Morgen is het misschien overal bewolkt.

Commillas is de volgende stad die ik bezoek. Deze plaats staat vooral bekend om de vele gebouwen in Art Nouveau-stijl. Je kan er met een toeristentreintje langsrijden, maar daar heb ik niet echt de tijd voor. Ik beperk mij tot de belangrijkste gebouwen, die met zijn drieën naast elkaar staan. Het gaat hier om het Palacio de Sobrellano, de kerk Capilla-Panteon en El Capricho de Gaudi. Bijzonder is ook El Capricho de Gaudí. Dit is een opvallend modernistisch gebouw ontworpen door de beroemde Catalaanse architect Antoni Gaudí en de belangrijkste bezienswaardigheid van Comillas. Gebouwd tussen 1883 en 1885 als zomerresidentie voor de rijke industrieel Máximo Díaz de Quijano, combineert het elementen van Moorse, gotische en neogotische stijlen met Gaudí's karakteristieke organische vormen en kleurrijke mozaïeken.

Aan de overkant op een berghelling zie ik het imposante universiteitsgebouw. Dat ga ik verder niet bezoeken, want de tijd loopt snel en ik wil ook nog een bezoek brengen aan de stad Llanes.

In Llanes rijd ik lange tijd rondjes op zoek naar een parkeerplaats, maar uiteindelijk parkeer ik maar in een buitenwijk op ruim een kilometer van het centrum. Ik stuur mijn Airbnb een berichtje dat het wat later wordt, maar dat ik er voor 10 uur zal zijn. Ik loop snel even door het oude centrum van Llanes. Het is een gezellige stad, maar voor gezelligheid heb ik nu even geen tijd. Na wat kiekjes gemaakt te hebben, loop ik snel terug naar de auto voor de laatste etappe naar Oviedo.

Het is nog ruim 100 kilometer en dus ongeveer een uur rijden. Helaas kom ik na zo’n 60 kilometer in een ernstige file terecht. Net voorbij het punt waar ik nog een andere route had kunnen kiezen. Op Google Maps zie ik dat de vertraging ruim een half uur is. Daar baal ik goed van. Ik stuur de Airbnb een bericht en er wordt gereageerd dat het niet erg is.

We staan lange tijd stil. Op Google Maps zie ik de vertraging steeds verder oplopen. Ik voel mij schuldig dat ik nu ver na de laatste inchecktijd aankom in de Airbnb. Ik beloof de verhuurder dat ik haar op de hoogte houd.

Als eindelijk het verkeer weer in beweging komt, zie ik dat ik een uur vertraging hem opgelopen. De verwachte aankomsttijd is nu 10:53u. Ik schaam mij diep. Ik laat de verhuurder weten hoe laat ik verwacht aan te komen en krijg akkoord als reactie.

Het is intussen gelukt om via de ingebouwde TomTom van de Fiat 500 te navigeren, maar erg betrouwbaar is dit systeem niet. Ik had beter Google Maps kunnen gebruiken, maar dat werkt niet zo handig, omdat ik geen telefoonhouder heb. Dan moet ik steeds naar de voorstoel kijken, waar mijn telefoon op ligt. Bovendien moet ik de telefoon dan elke keer ontgrendelen, wat tijdens het rijden natuurlijk niet zo veilig is. Als ik aankom, kan ik het adres niet echt vinden. Ik kijk nog eens op Google Maps en zie dan dat TomTom mij naar een verkeerde wijk heeft gestuurd. Ik moet nog 7 minuten rijden om in de goede straat te komen. Eenmaal daar parkeer ik voor een uitrit om snel de sleutels te kunnen halen. Ik leg uit dat ik nog wel even een legale parkeerplaats moet zoeken, maar dat ik eerst de sleutel wilde halen, zodat de verhuurster eindelijk kan gaan slapen. Het is een wat oudere vrouw met een wat Aziatisch voorkomen. Ze spreekt helaas alleen Spaans, zodat communiceren alleen via de vertaalapp op mijn telefoon wil lukken. Ze heet Lupe.

Met wat moeite vind ik in een andere straat een vrije parkeerplaats. Ik pak mijn spullen en wandel terug naar de Airbnb. Lupe is een echte babbelkous. Zij praat de oren van mijn hoofd en het is best een gedoe om elke keer alles te vertalen en in het Spaans te reageren. Dat gaat nog niet echt handig met mijn vertaalapp. Ze is wel heel aardig. Ze wil nog brood voor mij maken met koffie of warme chocolademelk. Maar ik heb meer trek in het meegebrachte witbiertje, dat ik ter afkoeling even in de vriezer heb gelegd. Als ze uitgepraat is, is het intussen middernacht. En ik moet nog werk doen en mijn verslag bijwerken. Dat houdt mij tot 1:40u bezig. Morgen maar een beetje uitslapen. Er is ook in Oviedo een MediaMarkt, maar die gaat pas om 10:00u open. Daarna ga ik naar een plek waar helder weer wordt verwacht. Hopelijk León. Vanuit die stad kan ik nog redelijk snel naar Santiago de Compostella rijden.

Woensdag, 12 augustus 2026

De weersvoorspellingen zijn ten opzichte van gisteren weinig veranderd. Er wordt nog steeds bewolking voorspeld in Oviedo, terwijl de vooruitzichten voor León nog altijd gunstig zijn. Dus wordt het León, waar ik ga kijken. Ik ga er op tijd naar toe, maar eerst ga ik nog even rondkijken in Oviedo, want ook daar is veel moois te zien.
Lupe is ook al vroeg wakker. Zij werkt in de geestelijke gezondheidszorg en moet vroeg beginnen vandaag. Maar eerst maakt zij mij wegwijs in de keuken en legt zij uit hoe ik koffie en warme chocolademelk kan maken. Ze heeft ook een cake gebakken. Het is echt een schat. Zo jammer dat ik haar nauwelijks kan verstaan. Ik verontschuldig mij nogmaals voor mijn late komst gisterenavond, maar zij zegt opnieuw dat het niet mijn schuld was. Ik eet nog wat tosti’s, controleer mijn spullen en ga dan op pad om het centrum van Oviedo te verkennen.

Ik laat mijn auto maar staan in de wetenschap dat ik waarschijnlijk onmogelijk een parkeerplaats ga vinden in het centrum. Bovendien is het maar een klein kwartiertje lopen. De stad heeft een klein historisch centrum. Hoogtepunten zijn de Catheral de San Salvador en het Archeologische museum. De kathedraal is open, dus kan ik even een kijkje binnen nemen. Het is helaas nogal donker in het middenschip. Een van de kapellen is wel verlicht, waar daar vindt een viering plaats. Er zijn een stuk of zeven priesters bij in groene gewaden.

Ik wandel nog wat door het oude centrum en maak wat foto’s van de overdekte markthal. De meeste pleinen worden helaas ontsierd door busjes en vrachtwagens die de horeca komen bevoorraden. Dat heb je als je ’s morgens gaat. Als ik naar boven kijk zie ik alleen maar grijs.

Lupe dacht dat het mooi weer zou worden in Oviedo en dat bleek ook uit de app die zij mij liet zien. Maar de realiteit is weerbarstig. Hopelijk kloppen de voorspellingen voor León wel. Na nog even het park met een beroemd beeldje en wat andere beelden bekeken te hebben, wandel ik terug naar de auto om op tijd naar León te kunnen vertrekken. Dan heb ik ook wat meer tijd voor om die stad te bekijken.

Na het nodige gehannes met de navigatie vind ik de weg door de borden richting León te volgen. Het is gelukkig heel rustig op de snelweg en ik kachel vrolijk door op de cruise control. Eindelijk eens geen haast en geen stress. Behalve voor het weer dan. Na een kilometer of dertig nader ik een tolweg. Ik besluit de oude weg te nemen. Dat is gratis en het is een erg mooie route.

De weg voert slingerend door de bergen en bereikt uiteindelijk een hoogte van zo’n 1200 meter. Het is geen route om ’s winters te doen als er sneeuw ligt. Ik ben blij dat het verkeer voor mij rustig rijd, zodat ik niet hoef te jakkeren met achterliggers op mijn bumper. Tenslotte ken ik de weg niet en met het navigatiesysteem zie je niet zo duidelijk wanneer er scherpe bochten komen. De weg is echt prachtig. Eindeloze heuvels en bergen met bossen. Jammer dat ik geen dashcam heb om het vast te leggen.

Even lijkt het of ik in een file terecht kom, maar dat blijkt te komen door twee vrachtwagens die slechts met heel veel moeite de steile hellingen weten te bedwingen. Op een gegeven moment komt er een inhaalstrook en kunnen de personenauto’s er voorbij. Het kost mijn Fiatje behoorlijk wat moeite om sneller vooruit te komen, maar in de tweede versnelling lukt het toch nog. Nog zo’n 35 kilometer naar León. De lucht is intussen helemaal blauw geworden. Dat is alvast een opsteker. Nu maar hopen dat het zo blijft.

Eenmaal in León vind ik zowaar een prima parkeerplaats, vlakbij het centrum. Ik controleer driemaal of ik niet moet betalen, of het geen invalidenplek is en of er geen uitrit is, maar ik kan niets ontdekken wat mij zou beletten de auto hier te laten staan. Ik neem wat drinken mee en ga op pad. Onderweg passeer ik een bord met een thermometer, die 38 graden aangeeft. Het is inderdaad bloedheet vandaag. Zoveel mogelijk in de schaduw verken ik de oude stad.

Al snel zie ik de Kathedraal van León. Een schitterend, indrukwekkend gebouw dat helaas wel gesloten is. Jammer is ook dat er aan het plein wordt gewerkt, zodat ik geen foto’s kan maken zonder bouwhekken en graafmachines. Bij het toeristenkantoor haal ik een plattegrond, waarop de bezienswaardigheden van de stad staan. Dat is handiger dan de telefoon.

Ik bekijk de verschillende kerken en andere gebouwen en de prachtige, sfeervolle pleinen van de stad. Tot slot rust ik wat uit in een park onder het genot van een bakje caramelijs. Daar was ik wel aan toe. Dan is het tijd om de auto weer op te zoeken, want ik wil ruim op tijd bij een mooi uitzichtpunt zijn.

Eerst ga ik tanken. Want na de zonsverduistering heb ik daar geen tijd meer voor en ik heb niet genoeg benzine over om Santiago de Compostella te halen. Tijd om een voordelige pomp te zoeken heb ik niet echt, dus moet ik maar genoegen nemen met de literprijs van 1,75 euro. Dat is altijd nog stukken goedkoper dan in Nederland.

Via een provinciale weg rijd ik naar een dorpje in de buurt van León. Het is iets dichter bij de centrale lijn van de zonsverduistering. Helaas blijkt het niet zo’n goede keuze. Het dorp ligt aan de oostelijke kant van een hoge, beboste heuvel. Er is dus geen vrij uitzicht op het westen en dat heb ik wel nodig. Via een kilometerslange omweg bereik ik een ander dorp dat wel het gewenste uitzicht biedt. Veel keus is er verder niet. Het is geen slechte plek, maar al snel komt er een kletsend stel naast mij staan. En ik wil de stilte van de natuur horen tijdens de zonsverduistering. Dat gaat hem helaas niet worden vandaag, want een eind verderop is een station en daarvoor staat een grote mensenmassa te joelen en te schreeuwen. Erg irritant.

Ik zet mijn eclipsbril op en kijk of er al een deukje komt in de nog ronde zonneschijf. Om exact 19:32u zou de maan de zon moeten raken. Een paar minuten later zie ik dat het klopt. Complimenten voor de geleerden die dit hebben uitgerekend. Ik ben in ieder geval niet voor niets naar Spanje en naar León gegaan. Het zal nu nog een klein uur duren voordat de hele zon verduisterd is, maar dat uur gaat supersnel voorbij. Foto’s maken lukt helaas niet echt met mijn compactcamera. Dan had ik toch mijn grote, zware Nikon moeten meenemen. Filmen gaat wel goed. De camcorder staat op een heel klein statiefje. Gelukkig waait het nauwelijks, want in de sterkste telestand heb je snel een bibberbeeld.

Elke keer als ik kijk is er weer een stukje zon verdwenen. Als de zon nog maar een sikkeltje is, zie ik dat het donker is geworden. Eerst wennen je ogen er nog aan, maar nu gaat het zo snel dat je echt de schemering ziet invallen. Mijn hart klopt twee keer zo snel als normaal. Er gaat zoveel door mij heen. Daar sta ik dan. Te kijken naar mijn derde zonsverduistering. Wat fantastisch! En wat ben ik blij dat er geen wolken zijn.

Als de zon bijna verdwenen is, kijk ik voorzichtig zonder eclipsbrilletje. Ik wil de corona tevoorschijn zien komen. Dat zijn de zonnevlammen, die je alleen kunt zien als de zon zelf wordt afgedekt. En daar verschijnt de magische ring. Het laatste restje zon schittert als een diamant op een ring en dan is het ineens helemaal donker. Althans, bijna helemaal donker. Laag boven de horizon zie ik de zwarte schijf, met daaromheen de corona van de zon. Geweldig. In de verte klinkt een enorm gekrijs. Ergerlijk, maar ik ben blij dat ik er niet tussen sta. Zo’n moment moet je in stilte ervaren.

De verduistering duurt 1,45 minuten, maar het lijken wel 5 seconden. Binnen no time verschijnt de diamant weer en dan moet snel de eclipsbril weer op. Al snel zie ik weer een maansikkel, maar nu met de bolling de andere kant op. Het wordt ook weer licht. Tijd om na te genieten heb ik niet, want ik moet nog ruim 300 kilometer rijden om rond middernacht in Santiago de Compostella aan te komen.

Met nog altijd veel moeite weet ik het navigatiesysteem aan de praat te krijgen. En dan jakkeren maar. Lastig, want in Spanje mag je nergens hard rijden. We lachen om Amsterdam met 30km/u, maar in Spanje heb je dat in iedere stad. Ik ben blij als ik voorbij León ben en er weer een beetje de vaart in komt. Voor mij zie ik de zon nu laag boven de horizon staan. Hij gaat deels schuil achter wolkjes, waardoor ik niet meer het ‘hapje’ kan zien.

Na zo’n zestig kilometer provinciale weg, kan ik eindelijk de snelweg op en hoef ik mij niet meer te ergeren aan langzame auto’s voor mij. Die kunnen zich nu aan mij ergeren, want veel power heeft het Fiatje niet. De weg stijgt soms met wel 5 procent en dan weet ik met moeite nog 80 kilometer per uur uit het motortje te persen. Het is geen auto voor de Spaanse snelwegen.

Ik heb nog ruim drie uur voor de boeg en daar zie ik wel tegenop. Eenmaal op de snelweg drink ik een blikje energiedrank met veel cafeïne leeg. Dan blijf ik in ieder geval wakker, hoop ik. Wat ook helpt zijn de talloze bochten in de weg. Er is geen kilometer rechte weg. Irritant is wel dat er veel tunnels zijn en dat je daar maar met 70 of 90 km/u doorheen mag. Ik doe mijn best om mij aan de snelheid te houden, want ik weet niet hoe streng ze in Spanje zijn. En daar kom ik ook liever niet achter.

Op het navigatiesysteem zie ik dat ik 12 minuten over 12 aan zal komen. Maar er komen steeds minuten bij omdat de auto elke keer zo langzaam de hellingen op klimt. De wegen zijn gelukkig redelijk en er is heel weinig verkeer op de weg.

50 kilometer voor Santiago houdt de snelweg ineens op. Ik moet via N-wegen mijn weg vervolgen en dat gaat op zijn zachts gezegd niet snel. Elke keer gaat het door dorpjes waar je maar 30km/u mag. En als we eindelijk harder mogen, rijdt er een slak voor mij die een complete file veroorzaakt. Inhalen is geen optie vanwege de vele scherpe bochten en het ontbreken van enig overzicht. Ik baal er stevig van, want nu kom ik nog later aan. De eindtijd staat al op 0:22u.

Het laatste stukje gaat gelukkig weer over een bijna verlaten snelweg. Nog 20 minuten. Ik heb nog geen moment slaap gehad onderweg, maar nu hoop ik dat ik vannacht niet in mijn auto hoef te slapen. Als ik eindelijk de straat inrij, belt de verhuurder mij op. Ik ben blij dat ik kan melden dat ik voor de deur sta. Ik bied mijn diepe verontschuldigingen aan, terwijl hij mij de Airbnb laat zien. Nu nog een parkeerplaats zoeken. Dat is meestal niet zo eenvoudig in Spanje. Gelukkig zijn er om de hoek vrije plaatsen. Er staat wel een parkeermeter, maar na het bestuderen van de Spaanse teksten, zie ik dat je alleen tussen 10 en 18u hoeft te betalen. Om 10u heb ik de auto al teruggebracht naar het verhuurbedrijf.

Weer is het bijna 2u als ik eindelijk kan gaan slapen. Nu even drie dagen kalm aan doen.

Donderdag, 13 augustus 2026

Na slechts 5 uur slaap word ik al rond 7u wakker. Echt uitgerust ben ik niet, maar slapen lukt ook niet meer. Aan het werk dan maar. Rond 9u breng ik de auto terug naar het verhuurbedrijf. Dat gaat natuurlijk niet eenvoudig, want TomTom begrijpt het adres niet. Op basis van de naam van het verhuurbedrijf, Gold Car, weet ik het adres wel in Google Maps te vinden. Dat gebruik ik dan maar om het bedrijf te vinden, waar ik de auto moet inleveren.

Echt handig navigeren is het niet met de telefoon op mijn rechter dijbeen. In Nederland kan je daar een bekeuring voor krijgen. Bovendien wordt de kaart naar het noorden weergegeven. Dus als je naar het zuiden rijdt, is het net alsof je achteruit gaat. Toch lukt het om het verhuurbedrijf te vinden. Gelukkig is er een tankstation tegenover, want dat ben ik onderweg niet tegengekomen en je krijgt 50 euro boete als de tank niet vol is bij het terugbrengen.

Een dame neemt de papieren in ontvangst en loopt naar buiten om de auto op schade te controleren. Even later roept zij mij naar buiten en laat mij het rechter voorwiel zien. De wieldop is beschadigd en dat was niet op het schadeformulier aangegeven. Gelukkig had ik in Bilbao foto’s gemaakt van alle kanten en onderdelen van de auto. Op een detailfoto van het wiel is de schade goed te zien. Die zat er dus al. De dame doet er moeilijk over, maar zegt dat ik mij verder geen zorgen hoef te maken. Het zal niet in rekening worden gebracht. Dat moest er nog bijkomen. Foto’s maken bij het ophalen van een huurauto is iets dat je beslist niet mag vergeten. Wel is mijn dag nu een beetje verpest. Daar komt nog bij dat het niet bepaald mooi weer is. Het regent zelfs lichtjes. Een busje brengt mij naar het vliegveld, waar ik op de bus naar de stad kan stappen.

Hoe ik naar de stad moet komen kan ik niet uit Google Maps afleiden. Dat geeft allerlei exotische buslijnen aan, waarvan de eerst pas over ruim een uur vertrekt. Ik zie echter ook stadsbussen. Lijn 6A. Maar daarover vind ik niets in Google Maps. Wel gewoon in Google. De bus gaat naar het station van Santiago de Compostella. Maar als ik naar binnen wil stappen, lijkt de buschauffeur mij weg te sturen. Ik vraag of hij naar Santiago de Compostella gaat, maar hij schut resoluut van nee. Een jonge vrouw loopt naar mij toe en zegt dat het wel de goede bus is. De chauffeur lijkt bedoeld te hebben dat ik niet met een creditcard kan betalen. Die had ik in mijn hand toen ik wilde stappen. Gelukkig heb ik ook contant geld bij mij. Voor 2 euro mag ik mee. Wel moet ik nu staan, want het is druk in de bus.

Vanaf het station wandel ik naar de Lidl om wat boodschappen te doen. Het ontbijt bestaat uit een flinke bak met stracciatella-yoghurt en twee eitjes. Nog wat werk doen, mijn verslag bijwerken en dan toch maar de stad in.

Als ik na een kwartiertje wandelen het oude centrum bereik begint de bewolking te verdwijnen. Ik merk dat het meteen een heel stuk warmer wordt. Het is bijzonder druk in de smalle steegjes vol souvenirwinkels en restaurants. Deze stad is veel toeristischer dan de steden die ik tot nu toe heb gezien en dat is niet zo verwonderlijk, want er is veel te zien. Het is het eindpunt voor vele duizenden bedevaartgangers die uit alle delen van het land en zelfs uit Frankrijk en Portugal komen. De kathedraal is het hoogtepunt van de stad, maar helaas staat een van de torens in de steigers. Dat maak ik vaker mee. De rest van het enorme gebouw is gelukkig wel in volle glorie te bewonderen en ziet er perfect onderhouden uit. Waarschijnlijk is die ene toren het laatste deel van een omvangrijke restauratie die mogelijk jaren heeft geduurd.

In de straten nabij de kathedraal begint de rij wachtenden die de enorme kerk van binnen willen bekijken. Het lijkt mij geen goed idee om dat nu te doen. De kathedraal gaat namelijk ’s morgens om 7u al open en dan is er waarschijnlijk vrijwel niemand. Dat hoop ik althans want ik neem mij voor om dat morgenochtend eens uit te proberen. Ik ben toch altijd vroeg wakker, dus dan kan ik net zo goed meteen op pad gaan.

Ik bezoek een museum aan het plein waar de kathedraal staat. Het staat in het teken van de bedevaarten. Niet dat ik van plan ben om ooit te gaan lopen naar Santiago de Compostella, maar ik vind het wel interessant om er iets meer over te weten te komen. Ik mag gratis naar binnen als ik mijn tasje in een locker opberg. De collectie is aardig, maar na een half uurtje heb ik het wel gezien. Het mooiste vind ik de foto’s van de monumenten in de stad. Die zijn op een heel kunstige manier tijdens het ‘blauwe uurtje’ gemaakt. Eens kijken of ik dat vanavond kan overtreffen.

Al zwervend door de straatjes zie ik het ene na het andere mooie gebouw. Het begint intussen wel heel erg heet te worden. Ik zoek wat verkoeling op een binnenpleintje van een universiteitsgebouw. Het is hier bovendien lekker rustig, na alle drukte in de smalle, hete straatjes.

Na nog wat door het centrum gezworven te hebben, ga ik op zoek naar een park om op een bankje in de schaduw de ergste hitte voorbij te laten gaan. Veel parken zijn er helaas niet en de twee parken die ik vind stellen niets voor. De enige bankjes die ik vind staan in de volle zon. Dat is niet uit te houden. Ik ga even op het dorre gras liggen, maar dan val ik al snel te prooi aan ongedierte, dat massaal de aanval inzet. Als je hier in slaap valt, verander je binnen een paar uur in een geraamte.

Ik besluit naar mijn kamer te gaan en na een koude douche even op bed te gaan liggen. Maar halverwege kom ik langs een ander park waar wel mooie bankjes in de schaduw staan. Het is er wel erg druk, maar ik zit lekker koel en kan hier blijven zitten tot de ergste warmte voorbij is en er meer schaduw komt. Ik wil vanavond foto’s maken tijdens het blauwe uurtje en dan zal ik nog tot 10u geduld moeten hebben. Ik ga maar vast mijn verslag bijwerken. Dan hoeft dat vanavond niet zoveel tijd te kosten. Slim dat ik mijn laptopje heb meegenomen, al was dat meer voor als er ineens belangrijk werk verricht moet worden.

Rond half 9 ben ik eindelijk afgekoeld. Ik trek mijn t-shirt weer aan en kom moeizaam overeind van het harde parkbankje. Heel rustig slenter ik terug naar de oude binnenstad. Het duurt nog wel even voordat het blauwe uurtje begint, dus geniet ik lekker van de gezelligheid. Wel jammer dat ik weer alleen op pad ben. Met zijn tweeën is toch leuker. Op verschillende plaatsen treden muzikanten op. Van een eenzame doedelzakspeler tot een compleet jazzorkest. Het is berendruk en alle terrassen zitten vol. Elke keer ontdek ik weer nieuwe straten en nieuwe monumenten. De binnenstad lijkt wel één groot openluchtmuseum.

Rond half 10 gaat de zon onder en wordt het vrij snel donker. Ik haast mij om op zoveel mogelijk plaatsen mooie foto’s te maken. Dan maar met mensen erop die in de weg lopen. Ik heb geen tijd om te wachten. Wel jammer overigens dat de gebouwen niet echt mooi verlicht worden. Hier en daar kan er een schijnwerper van af, maar van kunstige belichting – zoals in veel andere monumentale steden – is in Santiago de Compostella niet echt sprake.

Als het om kwart over 10 te donker is geworden om mooie foto’s te maken, haast ik mij naar de Airbnb. Ajax speelt vanavond en ik moet inloggen voordat de wedstrijd voorbij is. Dat lukt ternauwernood. Ik ga lekker op bed liggen met de tablet, een witbiertje en een zakje kaasknabbels om van de wedstrijd te genieten. Nou ja, genieten. Ajax speelt waardeloos. Meer dan de helft van de spelers is nieuw en moet nog leren voetballen. Het eindigt met een teleurstellende 2-2 tegen de semi-profclub uit Shelbourne uit Ierland. Om 1u kan ik eindelijk slapen.

Vrijdag, 14 augustus 2026

Half 7 word ik alweer wakker. Een mooie tijd om naar de kathedraal te gaan. Die gaat 7u open en dan verwacht ik dat het nog wel redelijk rustig zal zijn.

Buiten is het nog donker als ik de deur uitga. Door de verlaten straten wandel ik in hoog tempo naar de oude binnenstad. Wel bijzonder om de oude straatjes nu zonder mensen te zien. Slechts een enkeling loopt op deze tijd over straat, terwijl het voor een doordeweekse dag nu toch ook weer niet zo vroeg is. Maar ze beginnen altijd laat in Spanje. Voor 9u is alles gesloten. Behalve de kathedraal gelukkig.

Ik kan zo naar binnenwandelen. Er zijn vooral kerkgangers. Tot half 8 mag ik alle pracht en praal fotograferen. Daarna begint de mis en moet ik mijn camera’s opbergen. Ik blijf de mis volgen in de hoop dat er nog op het gigantische orgel gespeeld gaat worden, maar dat gebeurt helaas niet. Er wordt alleen gepreekt.

Na een half uur is de viering voorbij en kan ik nog even de catacombe bekijken, waar een relikwie wordt bewaard. Het gaat om de restanten van de apostel Jakobus, die in een zilveren kistje worden bewaard. Zelf kan ik het nauwelijks geloven dat hier overblijfselen liggen van iemand die volgeling van Jezus Christus is geweest, maar misschien is het wel waar.

Via het winkeltje verlaat ik de kathedraal en wandel ik in een weer even hoog tempo terug naar de Airbnb om te ontbijten, om te kleden en nog wat werk te doen. Het is nu nog geheel bewolkt, maar de verwachting is dat het een lekkere, zomerse dag gaat worden.

Met de nodige moeite weet ik twee eitjes te koken op de ingewikkelde kookplaat van de Airbnb. Met nog wat yoghurt eet ik ze op, waarna ik wat luchtiger gekleed terugloop naar het centrum. Onderweg bezoek ik het Alameda-park, dat mooie uitzichten biedt op de binnenstad en de torens van de vele kerken en de kathedraal.

Via een andere route loop ik naar het centrum, waarbij ik bij de St. Fransciscuskerk uitkom. De deur staat open, dus kan ik mooi even binnen een kijkje nemen. Het blijft de hele ochtend bewolkt, maar dat houdt in ieder geval de temperatuur op een aangenaam niveau.

Ik loop om de oude binnenstad heen en passeer onderweg een groot somber gebouw, waar een oud kerkje aan vast zit. Het blijkt het nonnenklooster Convento de Santa Clara te zijn. Helaas is het gesloten en gaat het pas 4u vanmiddag open. Misschien ga ik er morgenochtend naar toe. Dan is het ook open.

Ik wandel verder en kom weer bij de kathedraal uit. Daar is het nu behoorlijk veel drukker. Ik doe lekker rustig aan en zoek een plekje in de schaduw om van een afstandje de beroemde kathedraal te bewonderen. Ik besef weer dat het best bijzonder is dat ik hier nu zit. Er had zoveel mis kunnen gaan, maar alles is op rolletjes verlopen.

Na een tijdje begint het beton zeer te doen aan mijn billen en vervolg ik mijn weg. Ik probeer een supermarkt buiten het centrum te vinden, waar ik gisteren ook was geweest en waar de prijzen heel laag zijn. Het valt niet mee, maar ik weet de winkel te vinden. Ik had lasagne willen kopen, maar ik bedenk mij. Wellicht wordt het weer kebab, als ik een goede tent weet te vinden.

Terug in het centrum merk ik hoe moe ik intussen ben. Als ik mijn verslag wil bijwerken, val ik steeds in slaap. Ik ga maar even liggen op de trap van een groot kerkgebouw op een plek waar ik niet in de weg lig voor fotografen. Na een tijdje doet alles zeer en besluit ik de Airbnb maar even op te zoeken. Dan kan ik meteen mijn telefoon opladen, die al weer bijna leeg is.

Onderweg kom ik langs een supermarkt van de goedkope keten Dia. Vlak bij de Airbnb. Als ik dat had geweten... Ik koop alsnog lasagne en een fles frisdrank voor morgen. Nadat ik de magnetron eindelijk aan de praat heb gekregen, warm ik de lasagne op en start ik mijn laptopje. Voor de tweede keer deze vakantie gaat hij eerst een kwartier updates installeren. Dat begint wel heel erg irritant te worden. Temeer omdat hij gaat herstarten en ik mijn schrijfwerk van vandaag nog niet had opgeslagen. Omdat ik offline was is geen kopie opgeslagen, zodat ik mijn verslag opnieuw moet schrijven. Intussen moet ik ook online inchecken voor morgen. Ik zie dat mijn vlucht niet om 8u, maar al om 10 voor 6 gaat. Dat betekent dat ik al rond 3u de bus naar het vliegveld moet pakken. Dat is wel jammer. Ook ben ik daardoor vrij laat met inchecken, zodat er nauwelijks nog plaatsen over zijn. Ik moet genoegen nemen met een gangpadplaats als ik niet minstens 10 euro wil bijbetalen. Dan maar aan het gangpad. De vlucht gaat toch voornamelijk boven zee.

Na het eten loop ik naar het station om te kijken of daar bagagelockers zijn. Dat blijkt niet het geval. Er is wel controle-apparatuur voor als je met de trein gaat. Dan word je net zo gecontroleerd als op het vliegveld. Gelukkig had ik bij de kathedraal een winkel ontdekt, met een bagagedepot. Dan ga ik daar morgen wel naar toe.

Ik wandel weer naar de binnenstad en wacht het 'blauwe uurtje' af om nog wat mooie avondfoto's te kunnen maken. Echt bijzonder wordt het allemaal niet, omdat de gebouwen niet verlicht worden. Maar het moet maar zo. Op verschillende plaatsen wordt muziek gemaakt. Dat is wel gezellig. Bij de kathedraal speelt een zeer goede rockband. Onder een poortje staat een doedelzakspeler en op het grote plein achter de kathedraal speelt een typisch Spaans orkestje.

Dat orkestje gaat lang door. Pas rond kwart voor 12 houden de muziekanten en zangers het voor gezien. Dan is het ook wel tijd om weer naar de Airbnb te gaan. Mijn benen hebben er nu echt geen zin meer in na een hele dag slenteren en uren staan. Morgen zit ik rond deze tijd allang weer thuis. Dat wordt weer wennen.

Zaterdag, 15 augustus 2026

Wat kan je nog doen als je zo ongeveer alles al gedaan hebt? Eerst maar alle spullen ordenen en de tas netjes inpakken. Dan yoghurt met twee eitjes en tot slot controleren of er niets achterblijft.

Het is nog lekker fris buiten. Het is opnieuw bewolkt, maar de voorspellingen zijn gunstig. Met mijn zware rugzak ga ik eerst op zoek naar het winkeltje bij de kathedraal, waar ze bagage in bewaring nemen. Er staat alweer een flinke rij voor de kathedraal. Hij lijkt vandaag een stuk drukker dan gisteren en eergisteren. Wellicht omdat het zaterdag is.

Het winkeltje heb ik snel gevonden, maar een echt bagagedepot kan je het niet noemen. Achter in de winkel is een ruimte waar ik mijn tas op een plank kan leggen. Je moet dan maar hopen dat een ander hem niet meeneemt of er iets instopt of uithaalt, want controle is er niet. Santiago de Compostella is een superkatholieke stad, maar zoveel vertrouwen heb ik nu ook weer niet in de mensheid. Via mijn telefoon probeer ik een ander adres te vinden. Vaak zijn dat bedrijven waar je vooraf moet reserveren. Als je dat gedaan hebt, ontvang je het adres en een qr-code om de deur en het kluisje te openen. Ik probeer het, maar nadat ik betaald heb krijg ik geen ontvangstbevestiging, geen adres en dus ook geen qr-code. Het bedrag van 1,74, dat ik met mijn creditcard heb betaald, staat gereserveerd, maar is nog niet afgeschreven. Hopelijk ben ik niet opgelicht door criminelen die op creditcardgegevens uit zijn.

Ik heb geen zin om nog ruim 5 uur met mijn zware tas rond te lopen, dus zoek ik op Google Maps naar ‘luggage storage’. Ik probeer er een in de buurt, maar daar staat een hele lange rij. Als het personeel na 5 minuten nog met dezelfde klant bezig is, wordt het mij wel duidelijk dat dit de hele dag gaat duren. En als het al lukt, moet ik een uur van tevoren aanwezig zijn om mijn tas weer op te halen. Iets verderop zit gelukkig een souvenirwinkeltje, dat ook bagage-opslag aanbiedt. Een vriendelijk vrouwtje loopt met mij mee naar achteren, waar ik de tas in een afgesloten ruimte kan opbergen. Het is nog niet zo veilig als een locker, maar het moet maar.

Bevrijd van het gewicht slenter ik voor het laatst door de vele gezellige straatjes en steegjes van de binnenstad. Ook hier is het veel drukker dan anders. Helemaal verbaasd ben ik als ik de hoek om ga en daar de staart van de rij voor de kathedraal zie. Die rij moet nu minstens een kilometer lang zijn. Dat gaat echt uren duren voordat je binnen bent. Wat ben ik blij dat ik gisterenochtend vroeg ben gegaan en zo naar binnen kon wandelen. Dat wachten is niet alleen vervelend, maar ook zonde van de tijd.

Ik ga op zoek naar het nonnenklooster Convento de Santa Clara, dat nu open moet zijn. Het is even zoeken, maar met Google Maps weet ik het terug te vinden. Helaas is het opnieuw gesloten, terwijl het volgens een bordje open zou moeten zijn. Ik denk dat het nooit open is. Ik kan ook nog naar het natuurhistorisch museum gaan, maar ik zie al op Google dat ook dat gesloten is. Het schijnt een speciaal weekend te zijn, waarop heel veel gesloten is.

Dan maar verder wandelen. Op het grote plein bij de kathedraal besluit ik toch maar een ritje met het treintje te maken. 7 euro is niet overdreven duur en de rit schijnt 45 minuten te duren.

Een fijn ritje wordt het niet. De wagons bieden weinig uitzicht en hebben geen vering, waardoor je compleet door elkaar wordt geschud. De route is ook niet echt interessant. Het grootste deel gaat over de campus van de universiteit. Daar is weinig aan te beleven. Alleen wat lelijke gebouwen en heel veel bomen. Geen aanrader dus. De helft van de 45 minuten staan we bovendien voor stoplichten te wachten. Ik ben blij als we weer bij het beginpunt zijn en ik mijn tijd weer nuttiger kan besteden.

Onderweg zag ik een bijzonder gebouw op een heuvel. Ik loop er naar toe. Het lijkt een klooster. Ik loop naar een openstaande deur, maar als ik die bereik houdt een non mij tegen. In het Spaans legt zij heel vriendelijk uit waarom ik niet naar binnen mag. Ik begrijp er weinig van, maar dat ik het klooster vandaag niet van binnen ga bekijken is wel duidelijk.

Het wordt tijd om weer richting het winkeltje te gaan om mijn tas op te halen. Maar eerst ga ik nog even de kathedraal bewonderen. Wat een mensenmassa op het plein. Wat dat betreft is het ook wel tijd geworden om weer eens huiswaarts te gaan.

Met de tas wandel ik naar het station. Als ik er bijna ben, zie ik bus 6A naar het vliegveld net vertrekken. Dat is balen, want hij rijdt maar eens in het half uur. Maar als ik iets verder loop, zie ik nog een bus 6A voor het station staan. Dat is dan weer boffen. Ik stap in en pak een van de laatste zitplaatsen. Helaas wel naast een man die anderhalve zitplaats nodig heeft, maar dat is het lot. Hopelijk zit er straks niet zo iemand naast mij in het vliegtuig.

Na een half uur kom ik ruim op tijd op het vliegveld aan en zoek ik een zitplaats met een stroomaansluiting, zodat ik nog aan mijn verslag kan werken en vooral mijn alweer bijna lege telefoon kan opladen. Het vliegtuig is netjes op tijd. Nog twee uurtjes afzien op een te krappe stoel aan het gangpad en dan ben ik weer thuis.

HomeDisclaimerPrivacybeleidOver de auteur
Contact